Bel (0299) 42 10 00

4.6
Gebaseerd op 575 beoordelingen
4.6

Zand eten.

Diarree en koliek door zand komen met name in herfst en winter regelmatig voor. Wat kan je er aan doen en hoe voorkom je het?

Diarree en (zand)koliek door zand komen met name in herfst en winter regelmatig voor.

Zand eten is niet goed voor een paard. Diarree en koliek door zand is meestal een gevolg van langere tijd opname van kleine beetjes zand.

Zandkoliek komt voornamelijk door te kale- (gras 1-5 cm lang) en natte weides waar de paarden op staan. Waardoor ze tijdens het grazen heel veel pollen met zand meetrekken. In hooi of kuil vind je soms ook zand terug. Maar ook het voeren van hooi in de zandpaddock kan ervoor zorgen dat het paard bij het eten van de laatste sprietjes vanaf de grond een hoop zand binnen krijgt. Daarnaast zijn er nog paarden die uit verveling zand gaan eten.

Er ontstaan problemen als het paard meer zand opneemt dan de darmen af kunnen voeren. Er blijft zand achter in de lager gelegen delen en bochten van de darmen en dat kan wel ophopen tot 50 kilo. De darmen kunnen niet meer goed functioneren en er zal zich meer zand ophopen. De gezondheid van het paard zal achteruitgaan. Het paard kan symptomen als lusteloosheid, vermagering, een opgezette buik, diarree en ongemak tijdens het rijden vertonen. De beweeglijkheid van de darmen neemt af en er ontstaat een verstopping. Deze verstopping veroorzaakt koliek.

Het belangrijkste advies is om te voorkomen dat je paard zand kan eten, maar dit is natuurlijk niet altijd even gemakkelijk. Elk paard krijgt zand binnen, maar dit moet niet te veel zijn en de darmen moeten het goed af kunnen voeren. Om het risico op te veel zand te verkleinen kunt je bijvoorbeeld het stuk paddock waar hooi gevoerd wordt bestraten of hooi geven uit een slowfeeder.

Daarnaast helpt het de darmen als het paard veel beweging krijgt en veel ruwvoer ter beschikking heeft. Darmen die vol zitten met ruwvoer zorgen er namelijk voor dat het zand dat op de bodem van de darmen ligt sneller meegenomen wordt.

Hoe weet je of je paard te veel zand in zijn darmen heeft? De beste manier om zeker te weten of een paard te veel zand in zijn darmen heeft is door een röntgenfoto te maken. Maar dat is natuurlijk niet heel praktisch om even te doen.

Je kan ook de mest testen, dit is niet 100% betrouwbaar omdat zand niet continu wordt uitgescheiden. De mest kun je testen door een handje schone mest te pakken en in een doorzichtige handschoen of plastic zakje te mengen met water. Het zand is zwaarder en zal zich ophopen onderin de handschoen. Een millimeter is niet erg, maar wanneer dit meer dan een halve centimeter wordt wel. Wanneer er geen zand zichtbaar is het alsnog mogelijk dat er veel zand in de darmen ligt omdat het een momentopname is en niet continu wordt uitgescheiden. Meerdere dagen achter elkaar of regelmatig testen maakt de betrouwbaarheid groter.

Wanneer je paard op de paddock staat en de kans dat hij zand binnen krijgt daardoor heel aannemelijk is, is het advies om preventief één keer per maand een psylliumkuur te geven. Let wel op dat je genoeg geeft. Vaak wordt er een te lage dosering gegeven waardoor de zandkuur niet goed werkt. Houd dus altijd 0,5 tot 1 gram psyllium per kilogram lichaamsgewicht aan. Een kuur heeft daarnaast het beste effect wanneer deze vijf tot zeven dagen gegeven wordt.

Het advies is om preventief één keer per maand een psylliumkuur te geven.

Stalling

Meer Informatie

Ontwormen

Meer Informatie

Paardenarts Esther van de Velde

Voor vragen over het binnenkrijgen van zand of een terugbelverzoek van een van onze dierenartsen kunt u altijd contact met ons opnemen.

1
Scan de code